Perspectief voor gedetineerden

donderdag 27 juni 2019

JenV Magazine sprak drie professionals die zich met de rehabilitatie van delinquenten bezighouden.

Lieke Schouwenaars, Adviseur Koers en Kansen, ministerie van Justitie en Veiligheid:

“Als we nu én in de toekomst effectief sancties willen blijven uitvoeren en ervoor willen zorgen dat recidive vermindert, moeten we anders samenwerken. Daar staat Koers en Kansen voor. Alleen straffen, iemand in een cel gooien en de deur op slot doen, zorgt er niet voor dat iemand niet weer in de fout gaat.”

“Tegelijk is er vaak maar weinig tijd om een gedetineerde zo te begeleiden dat de kans op herhaling ná zijn straf vermindert. Immers: de helft van de gedetineerden zit slechts 27 dagen ‘binnen’, een werkstraf duurt maximaal 240 uur en toezicht betekent gemiddeld een keer per drie weken contact met reclassering. Als je daarbij optelt dat veel misdrijven in ons land gepleegd worden door mensen die in herhaling vallen, dan is de vraag: wat kunnen we beter doen voor deze kortdurend gestraften in korte tijd?”

Koers en Kansen probeert antwoord te geven op die vraag door de blik naar buiten te richten en onze partners in de uitvoering en maatschappelijke partners te vragen mee te denken. Tot nu toe keken we allemaal in onze eigen kokers en optimaliseerden we ons werk binnen onze eigen ketens. Allemaal deden we ons best om binnen onze eigen reikwijdte zo goed mogelijk te helpen en begeleiden. Binnen die kokers zijn we inmiddels tegen de grenzen opgelopen van wat we kunnen bereiken.

Nu is het tijd om over de schutting te kijken en met elkaar te leren wat wel en niet werkt. Daarbij is het uitgangspunt: een duurzame re-integratie is een gezamenlijke inspanning. Let daarbij op: we richten ons met Koers en Kansen op mensen met een kortdurende straf. Gedetineerden die een ernstig gewelds- of zedenmisdrijf hebben gepleegd, komen niet voor dit soort projecten in aanmerking.

We zeggen niet van bovenaf hoe het moet. We gaan het land in om initiatieven te vinden die vanachter ons bureau niet te zien zijn. We laten initiatieven uit de praktijk komen en ontwikkelen die verder. Het mooie is, dat we zien hoe ongelofelijk veel goede ideeën er zijn, hoeveel professionals hiermee bezig zijn, wat een energie er in het veld te vinden is en hoeveel we van elkaar kunnen leren. De grote uitdaging is elkaar echt vinden. En we moeten oppassen dat we niet alles wat we leren en ontdekken willen verankeren in systemen. Houd voor ogen waarom we dit doen: voorkomen dat gedetineerden na hun straf terugvallen in verkeerd gedrag én de samenleving veiliger en leefbaarder maken. Vanuit die veiligheidsblik kijken de projecten ook goed naar de selectie van deelnemers en samenwerking met bijvoorbeeld veiligheidshuizen. Onder de vlag van Koers en Kansen kunnen we verbindingen leggen tussen succesvolle projecten en organisaties met een groot bereik.”

Saskia Korteweg, Re-integratietrainer Penitentiaire Inrichting Alphen aan den Rijn

‘We halen maatschappelijke partners binnen de gevangenismuren om re-integratie te starten vóór de gedetineerde de poort uitloopt’

“Het mooie aan Koers en Kansen is dat het echt van onderaf komt. Ik zie heel veel initiatieven van de werkvloer. Initiatieven waar mensen al lang mee lopen maar waar nooit ruimte voor was. Beleidsmakers in de Haagse toren lijken ver weg; nu komen ze vragen wat wij kunnen doen. En geloof me: er gebeurt heel veel in de praktijk. Kijk naar mij: van trainingen solliciteren en budgettering tot de cursus mindfulness. Ik haal partijen naar binnen om de re-integratie van gedetineerden te starten vóór zij hier de poort uitlopen. Bij die mindfulness word ik weleens meewarig aangekeken, trouwens, maar ik heb jongens van het blowen afgeholpen met die cursus. Dan denk ik: waarom zou ik het niet doen als het helpt?

Ik vind het belangrijk dat gezien wordt wat wij in de uitvoering doen. Als wij ons werk goed doen, daalt de recidive. Als ik een gedetineerde leer hoe hij een goede sollicitatiebrief schrijft, vindt hij sneller een baan. Dat die successen nu gezien worden, is mooi. Dat maakt het mogelijk van elkaar te leren. Nu beleid ons helpt kleine projectjes groot te maken, is er een nog betere kans om mensen die een tweede kans verdienen echt te helpen.

Het mooie is dat we buiten de kaders durven denken en projecten ontdekken en ontwikkelen die er anders niet gekomen zouden zijn. Voorheen waren we allemaal eilandjes en werkten we elk keihard op ons eigen eilandje. Nu komen er langzaam bruggen tussen die eilandjes. Dingen gaan soms ook ineens veel sneller dan we gewend waren. Zeker ook omdat maatschappelijke partners meedenken en mee kunnen werken binnen de muren van de gevangenis. Neem Exodus, die hier in de PI Alphen bijvoorbeeld de training Mijn kind en ik geeft. Een mooie workshop die vrijwilligers geven aan gedetineerde vaders. Het helpt de band sterk houden tussen vader en kind, wat zo belangrijk is als de vader weer op vrije voeten komt.

Wij halen ketenpartners als de Reclassering en Exodus binnen gevangenismuren, omdat we daarmee gedetineerden beter en sneller kunnen voorbereiden op hun terugkeer in de maatschappij. Langzaam brokkelen de muren tussen ons af en staan we samen sterk voor een goede terugkeer naar de maatschappij.”

Roselyne van der Heul, Projectleider, Exodus Zuid-Holland

“Exodus is opgericht om ex-gedetineerden te helpen hun leven weer goed op te bouwen als ze uit de gevangenis komen, onder andere via onderdak, werk en sociale contacten. Inmiddels hebben we ook een groot ambulant programma. In onze praktijk hebben we ontdekt dat samenwerken loont. Eerst gebeurde dat op kleine schaal, bijvoorbeeld binnen individuele inrichtingen. Met de komst van het programma Koers en Kansen zien we dat projecten ineens een kans krijgen breder toegepast te worden dan vroeger.

We zien overal in het land mooie dingen gebeuren. Dat maakt het mogelijk om verbindingen te leggen en soms wel drie keer zo snel te handelen. Ook bredere verbanden worden beter zichtbaar: wat wij in de PI Alphen doen, kan elders in het land ook werken. Het mooie is dat het ministerie meer en meer naar buiten treedt en wij steeds meer naar binnen komen. Zo is kruisbestuiving mogelijk tussen hulpverleners die tot voor kort nog door een schot gescheiden waren van elkaar. Dat is de kracht van Koers en Kansen. Dit programma is een vliegwiel dat projecten de zichtbaarheid en diepgang kan geven die ze nodig hebben.

We zitten met elkaar om tafel en kunnen de manier waarop we de terugkeer van gedetineerden met een kortdurende straf in de samenleving willen organiseren opnieuw vormgeven. Dat leidt tot mooie nieuwe initiatieven, zoals het versterken van de positie van achterblijvers via het project Krachtig Thuis. Een sterk thuisfront is belangrijk, om te voorkomen dat je in herhaling valt als je de gevangenis eenmaal uit bent. Door met elkaar vanuit de logica van de praktijk te kijken, zien we oplossingen die we voorheen nog niet zagen. Ik vind het knap dat beleid het aandurft die ontwikkeling te faciliteren. En omdat we nu continu met elkaar in gesprek zijn, kunnen we een mooi idee soms heel snel tot uitvoering brengen. De grootste uitdaging is te voorkomen dat de schotten die er wel degelijk zijn in de weg blijven staan. Wat werkt echt gaan uitvoeren. Ik heb er vertrouwen in dat het gaat lukken; ik zie dat er gepeuterd wordt aan die schotten. Het geeft zoveel energie te zien dat we werken vanuit de kansen die projecten in zich hebben. We kloppen met elkaar een innovatieve kracht op die we moeten blijven vasthouden.”

Saskia Korteweg, Re-integratietrainer Penitentiaire Inrichting Alphen aan den Rijn

Een succesvolle terugkeer na detentie

De gevangenisstraf bestaat in Nederland sinds de negentiende eeuw. Destijds werd dat gezien als beschaafd en humaan alternatief voor lijfstraffen. Zedelijke verbetering - waar de gevangenisstraf in kon voorzien - werd belangrijker dan afschrikking en vergelding. Rond 1900 was de gevangenisstraf de meest opgelegde straf. Veroordeelden verbleven toen nog vooral in volledige afzondering en kwamen vaak psychisch beschadigd weer naar buiten.

Sindsdien is er natuurlijk veel veranderd in het denken over straffen en de manier waarop we die uitvoeren. Ook hebben rechters en officieren van justitie nu veel meer mogelijkheden wanneer zij moeten besluiten over de vraag wat een passende straf is. Zij kunnen inmiddels kiezen uit een breed sanctiepalet, bestaande uit voorwaardelijke en onvoorwaardelijke straffen en maatregelen, van taakstraf tot en met terbeschikkingstelling. Als we het vandaag over detentie hebben, doelen we op voorlopige hechtenis (verdachten) of de gevangenisstraf (veroordeelden). Op een gemiddelde dag zitten ongeveer 9.000 mensen ‘vast’ in Nederland.

Een veilige terugkeer naar de samenleving staat tegenwoordig in het beleid voorop. Re-integratie, beoordeling van gedrag en risico’s en samenwerking zijn daarbij belangrijke begrippen. De cijfers laten zien dat de ideale situatie nog niet is bereikt. Bijna de helft van de gedetineerden komt binnen twee jaar opnieuw in aanraking met justitie.

Doel is te komen tot een toekomstbestendige sanctie-uitvoering, waarmee we recidive zo veel mogelijk willen voorkomen

In het programma Koers en Kansen slaan rijksoverheid, justitie, zorg, gemeenten en maatschappelijke organisaties de handen ineen voor een veiliger Nederland. Doel is te komen tot een toekomstbestendige sanctie-uitvoering, waarmee we recidive zo veel mogelijk willen voorkomen. Ook is er aandacht voor vernieuwingen rondom detentie en re-integratie. Koers en kansen stimuleert dat partners over eigen schuttingen heen nauw samenwerken, zodat er daadwerkelijk een perspectief is voor gedetineerden na hun detentie. Met uiteenlopende lokale projecten, ontwikkeld door professionals in het veld, vinden we nieuwe manieren van (samen)werken. Deze projecten richten zich op daders met een korte gevangenisstraf en gedetineerden met een licht verstandelijke beperking. Bij deze doelgroepen is het duidelijk dat het voorkomen van recidive na detentie alleen lukt als er een goede aansluiting is op wijkteams, schuldhulpverlening, (beschermd) wonen en (langdurige) begeleiding. Gedetineerden die een verhoogd risico vormen voor de maatschappij, komen niet voor dit soort projecten in aanmerking.

Koers en Kansen gaat zo veel mogelijk uit van de praktijk. Centraal beleid en bestuurlijke afspraken vormen een belangrijke basis, maar alleen zijn die niet genoeg. Om de terugkeer van gedetineerden in de samenleving in de toekomst beter te laten verlopen, moeten we er bijvoorbeeld echt rekening mee houden dat detentie vaak onbedoelde schade oplevert, zoals baanverlies, dat de gemiddelde detentieduur heel kort is (meestal 27 dagen) en gedetineerden steeds vaker met complexe problemen kampen. Koers en kansen pleit er daarom voor om hun levensloop centraal te stellen, professionals meer ruimte te geven om “te doen wat nodig is” en om sancties op lokaal niveau te organiseren. Samenwerking rondom re-integratie moet in deze benadering lokaal ontstaan; zo dicht mogelijk in de buurt van de woonomgeving van de gedetineerde want uit onderzoek blijkt dat daders daardoor minder snel terugvallen in herhaling.

Projecten in het kader van Koers en Kansen zijn een manier om innovatie te bevorderen. Dat is een belangrijke aanvulling op het verbeteren van de basis. Ervaringen en inzichten uit de projecten worden landelijk gedeeld, zodat er een lerend systeem ontstaat waarbij succesvolle oplossingen breed zijn in te zetten.”

Bron: JenV Magazine