Heet najaar in de zorgsector

Geschreven door:
Jules de Vries
20-08-2014

 

Een rondgang langs mijn voormalige collega’s, bestuurders in de zorg, laat zien dat de zorgsector zijn meest hectische periode beleeft in, zeg, veertig jaar. 

Zorgbestuurders, vaak verantwoordelijk voor de zorg van duizenden cliënten en honderden tot soms duizenden medewerkers, zijn op dit moment net vrachtwagenchauffeurs. Maar dan wel –om het even stevig neer te zetten- chauffeurs van een vrachtwagen die 120 km per uur moet rijden, met geblindeerde voor- en zijruiten en slechts de mogelijkheid om via de achteruitkijkspiegel de koers te bepalen.

Wat is de situatie? De overheid heeft vastgesteld dat het huidige niveau van zorg en de vergoedingensystematiek daaromheen te kostbaar zijn. Het systeem kan de komende golf van vergrijzende babyboomers niet dragen. Dus moet de sector op de schop. De veranderingen worden echter niet geleidelijk en gecontroleerd doorgevoerd. Het is een bruusk gebeuren, waarbij de praktische consequenties moeilijk te overzien zijn.

De langdurige zorg voor ouderen, chronisch zieken en gehandicapten -oftewel de AWBZ- wordt uitgekleed. Dat is een paar jaar geleden al begonnen met het overhevelen van de hulp in het huishouden naar de gemeenten. Met ingang van 2015 krijgen gemeenten 40% minder budget voor deze dienstverlening.

Nu al zie je dat zorgorganisaties, vooruitlopend op deze situatie, ontslagaanvragen indienen bij het UWV. Deze worden echter consequent geweigerd. Het UWV redeneert dat de aanbestedingstrajecten nog niet voltooid zijn en er dus nog geen duidelijkheid is over de budgetten van volgend jaar. De instellingen zitten met een fors probleem, want 40% omzetdaling is wèl de harde werkelijkheid. Bovendien gaat een collectief ontslag niet gelijk in, je moet de aanvraag een half jaar van te voren doen.

Ook de begeleiding in het kader van de AWBZ, bedoeld om de zelfredzaamheid van kwetsbare burgers te bevorderen, wordt overgeheveld naar de gemeenten. Niet in alle gevallen lijken de gemeenten haast te hebben om een en ander in goede banen te leiden. Ze zijn zich aan het “oriënteren” en nemen de rol aan van opdrachtgever, niet die van mede-eigenaar van het probleem.

Eén zorgbestuurder vertrouwde mij zelfs toe dat ze deze zomer, na afloop van een gesprek met een wethouder, letterlijk stond uit te huilen tegen de muur van het gemeentehuis. Zo verbaasd was ze over het gebrek aan kennis van en belangstelling voor waar zorginstellingen in de praktijk tegenaan lopen. “Maar Jules”, zo zei ze, “deze mensen beslissen uiteindelijk wèl over onze centen.“

De verpleging en verzorging gaan over naar de zorgverzekeringswet en vallen daarmee binnen het domein van de zorgverzekeraars. Dit brengt voor de instellingen heel wat extra werk met zich mee. Waar ze vroeger zaken deden met als regel één zorgkantoor, gaat het nu om vele afzonderlijke verzekeraars. Meer bureaucratie, en ook hier worden de instellingen om de oren geslagen met tariefskortingen.

De intramurale ouderenzorg gaat over naar de nieuwe wet op de langdurige zorg. Ook hiervoor zijn de offerteprocedures al wel gestart, hoewel de wet, nota bene, nog in de Tweede Kamer besproken moet worden. Over geblindeerde ramen gesproken!

Door al deze omstandigheden kan geen enkele zorginstelling op dit moment een fatsoenlijke begroting voor het volgende jaar neerleggen. En daar worden de banken, die fondsen moeten neerleggen voor de hoogst noodzakelijke bouwprojecten knap zenuwachtig van. Het wordt dus een heet najaar.

“Op dit moment”, hield een andere zorgdirecteur mij voor, “zijn het dagkoersen. Je moet je niet gek laten maken. De wal keert het schip en er gebeurt straks wel weer iets waardoor de scherpste kantjes eraf gehaald worden.” Deze vrachtwagenchauffeur houdt dus het hoofd koel, vertrouwt erop dat de weg relatief vrij van obstakels zal zijn. Maar echt weten doet hij het niet…. 

Mijn mening over dit alles: het is teveel het is te snel en het lijkt niet goed doordacht. De richting is goed, maar neem meer de tijd. Wat schiet de Nederlandse samenleving er mee op als allerlei zorginstellingen opeens drastisch moeten inkrimpen en er vele professionals op straat komen te staan en van de gemeenschap hun WW moeten trekken? Mensen die straks mogelijk weer hard nodig zijn.

Ik kan me nog herinneren dat alle verzorgingshuizen overgingen van de provincies naar de AWBZ en dat de ongelijkheid die er was in de bekostiging gelijk getrokken moest worden. Daar werden zogenaamde ingroei- en uitgroeitrajecten voor afgesproken van 5 jaar. Een vloeiende overgang waardoor een majeure verandering betrekkelijk geruisloos ging.

Zo kan het ook.

Jules de Vries
Op persoonlijke titel geschreven

Laatste nieuws

Columns
Delen
27-10-2020

Nieuwe Matchpartner website!

Columns
Delen
29-09-2020

Van horen zeggen

Vind de ideale baan binnen jouw specialisme

Vind de baan die bij jou past binnen jouw specialisme of bekijk hier ons gehele vacature aanbod